Eenvoudige vraagstukken

Hoofdmenu Eentje per keer 

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

  1. \(\)als je een getal vermindert met 20 bekom je -5. Wat is het getal?\(\)
  2. \(\) het verschil van het zesvoud van een getal en zeven is gelijk aan de som van een vierde van het getal en 39. Wat is het getal?\(\)
  3. \(\)als je een twaalfde van een getal aftrekt van een elfde van dat getal, dan krijg je 2 . Wat is dat getal? \(\)
  4. \(\)als je een elfde van een getal aftrekt van een achtste van dat getal, dan krijg je 6 . Wat is dat getal? \(\)
  5. \(\)de som van drie opeenvolgende gehele getallen is 51. Wat zijn die getallen?\(\)
  6. \(\)als je een achtste van een getal aftrekt van een zevende van dat getal, dan krijg je 2 . Wat is dat getal? \(\)
  7. \(\)als je een negende van een getal aftrekt van een vijfde van dat getal, dan krijg je 12 . Wat is dat getal? \(\)
  8. \(\)als je een twaalfde van een getal aftrekt van een zevende van dat getal, dan krijg je 25 . Wat is dat getal? \(\)
  9. \(\) het verschil van het achtvoud van een getal en negen is gelijk aan de som van een negende van het getal en 204. Wat is het getal?\(\)
  10. \(\)als je een tiende van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 21 . Wat is dat getal? \(\)
  11. \(\)Ruben is x jaar. Zijn zus is 8 jaar ouder. Samen zijn ze 42 jaar. Hoe oud is Ruben ?\(\)
  12. \(\)als je een vierde van een getal aftrekt van een derde van dat getal, dan krijg je 3 . Wat is dat getal? \(\)

Vertaal naar een wiskundige vergelijking. Los op door gebruik te maken van het stappenplan.

Verbetersleutel

  1. \(x-20 = -5\Leftrightarrow x=-5+ 20 \Leftrightarrow x = 15\)
  2. \( 6 x-7=\frac{x}{4}+39 \overset{\mbox{ .4 }}{ \Leftrightarrow } 24x-28=x+156 \Leftrightarrow 24x-x=156+28 \Leftrightarrow 23x=184 \Leftrightarrow x=8\)
  3. \( \frac{1}{11}x-\frac{1}{12}x=2 \overset{\mbox{ .132 }}{ \Leftrightarrow } 12x-11x=264 \Leftrightarrow 1x=264 \Leftrightarrow x=264\)
  4. \( \frac{1}{8}x-\frac{1}{11}x=6 \overset{\mbox{ .88 }}{ \Leftrightarrow } 11x-8x=528 \Leftrightarrow 3x=528 \Leftrightarrow x=176\)
  5. \(x+x+1+x+2 = 51\Leftrightarrow 3x+3=51 \Leftrightarrow 3x = 48\Leftrightarrow x = 16 \text{ De getallen zijn 16, 17 en 18}\)
  6. \( \frac{1}{7}x-\frac{1}{8}x=2 \overset{\mbox{ .56 }}{ \Leftrightarrow } 8x-7x=112 \Leftrightarrow 1x=112 \Leftrightarrow x=112\)
  7. \( \frac{1}{5}x-\frac{1}{9}x=12 \overset{\mbox{ .45 }}{ \Leftrightarrow } 9x-5x=540 \Leftrightarrow 4x=540 \Leftrightarrow x=135\)
  8. \( \frac{1}{7}x-\frac{1}{12}x=25 \overset{\mbox{ .84 }}{ \Leftrightarrow } 12x-7x=2100 \Leftrightarrow 5x=2100 \Leftrightarrow x=420\)
  9. \( 8 x-9=\frac{x}{9}+204 \overset{\mbox{ .9 }}{ \Leftrightarrow } 72x-81=x+1836 \Leftrightarrow 72x-x=1836+81 \Leftrightarrow 71x=1917 \Leftrightarrow x=27\)
  10. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{10}x=21 \overset{\mbox{ .30 }}{ \Leftrightarrow } 10x-3x=630 \Leftrightarrow 7x=630 \Leftrightarrow x=90\)
  11. \(x+x+8 = 42\Leftrightarrow 2x+8=42 \Leftrightarrow 2x = 34\Leftrightarrow x = 17 \text{ Ruben is 17 jaar}\)
  12. \( \frac{1}{3}x-\frac{1}{4}x=3 \overset{\mbox{ .12 }}{ \Leftrightarrow } 4x-3x=36 \Leftrightarrow 1x=36 \Leftrightarrow x=36\)
Oefeningengenerator vanhoeckes.be/wiskunde 2025-04-03 05:11:35